De rode loper

Laatst werd ik er op geattendeerd. We hebben een rode loper in de stad! ‘Waar fietsers rond kunnen rijden als koningen!’ Nieuw rood asfalt op de Van Welderenstraat en Van Broeckhuysenstraat, waar auto’s voortaan te gast zijn en fietsers in beide richtingen voorrang hebben. Dus als U het maar weet! Geen Audi’s, BMW’s en Mercedessen meer die als gekken door de straten mogen racen. Dat is de bedoeling. De eigenares van café Fika had er overigens volgens De Gelderlander nog bar weinig van gemerkt. En Wouter Roelants van de gelijknamige boekhandel liet optekenen: 'Prachtig allemaal, maar drie weken de straat daarvoor dicht vind ik wat overdreven'.

Meteen moest ik denken aan de tijden van De Oude Mol, de linkse boekhandel die voorheen in dat pand gehuisvest was. Heel progressief Nijmegen kwam daar samen en menig ‘Kapitaal’ verdween daar bij het proletarisch winkelen onder de jas naar buiten. Over revolutie werd gelezen, gesproken of gedebatteerd. Maar vast niet over die van Troelstra. Op de kop af honderd jaar geleden. Die duurde slechts drie dagen en bleef zonder resultaat. Dan zijn drie weken voor een afgesloten straat inderdaad bijzonder lang.

Toch heb ik zelf meer in het algemeen de ervaring dat het met de wegwerkzaamheden in Havanna aan de Waal langzamer gaat dan overal elders. Tergend langzaam zelfs. Inmiddels zijn ze op de Daalseweg ook weer bezig. Geen drie weken, geen drie maanden, voor mijn gevoel wel drie jaar! Het lijken echt Cubaanse toestanden.

En inmiddels ontluikt ook hier langzaam iets roods, een rood wegdek. Een uitnodigende roder loper die ons rechtstreeks naar het stadscentrum leidt. Waar de gedoodverfde culturele instellingen ons verwelkomen met mooie programma’s. ‘Subsidie voor louter de hoogopgeleide blanke tweeverdieners uit Nijmegen oost!’, heette dat vroeger. Gelukkig liggen die tijden achter ons.

Zelf heb ik nog de hoop dat er ergens bij de kruising Prins Hendrikstraat en Canisiussingel een klein strookje rood asfalt overblijft dat ons rechtstreeks naar de Oranjesingel leidt. Een smal strookje rode loper naar het pand aan Oranjesingel 42. Waarom? Vanaf de jaren ’60 van de vorige eeuw was dit toch lang het rode bolwerk van de linkse studentenbeweging USN. Zonder klassiek socialistische, communistische of pacifistische denkbeelden was je er niet welkom.

Tegenwoordig allang niet meer links, allang geen volwaardige culturele tempel meer, maar wel het thuis van het meest tegendraadse filmhuis van Nederland. Met een eigenzinnige en originele programmering. En met nog immer een zekere afkeer voor menig werk dat uit Hollywood komt. Ons engagement roest niet! Daarom bijvoorbeeld nog steeds aandacht voor de klassieke Russische cinema. De twee meesterwerken Stalker en Kom en Zie in het bijzonder. Niet te versmaden voor elke filmliefhebber. Laatst bij de scholierenvoorstelling van onze succesvolle JO 42 Filmclub was er bij de voorstelling van Stalker een vwo-leerling niet alleen geïnteresseerd in deze klassieke cinema. Hij was gepassioneerd en had meer over Tarkovski’s werk en de Russische revolutie te melden dan dat ik voor mogelijk hield. Toen wist ik het zeker, ook ons Filmhuis heeft nog zeker toekomst, hoe klein ook. Castro’s revolutie is immers in 1956 ook klein begonnen, met slechts een tiental kompanen.

Ted Chiaradia

Bezig met laden