Henk

Fanny och Alexander, filmfoto

‘Deemoedige Ralph Hamers door het stof’. Dat twitterde Henk Nijboer laatst met zekere trots na een hoorzitting in Den Haag, waar eerstgenoemde ter verantwoording was geroepen.

Ralph Hamers is die grote meneer van de ING Bank die weleens een foutje maakt en heel veel schijnt te verdienen. Iets van bonussen en zo. En Henk Nijboer is dat jonge Tweede Kamerlid van de PvdA. Een van de laatste nog. Hij bijt zich al jaren vast in bankdossiers en is voor regulering van de financiële sector. En natuurlijk tegen bonussen en andere perverse financiële prikkels. Niet als enige overigens. Bankdirecteuren zijn sinds de kredietcrisis zo’n beetje de nationale kop van jut. Sinds ikzelf van lucht en goede cinema leef, heb ik niet meer zoveel met bankzaken. Verkoop van ondeugdelijke derivaten, fraude met Libor rente, witwassen van Mexicaans drugsgeld, betrokkenheid bij vastgoedfraude, ik kan me er totaal geen voorstelling van maken. Een andere wereld.

Dat was in de zomer van 2007 wel anders. Toen was ik boos, echt boos en wilde mijn rekening bij de Rabobank opzeggen. Uit protest. De Rabobank sponsorde in die tijd nog de machtige wielerploeg met helden als Thomas Dekker en Michael Boogert. Eindelijk, na jaren, zouden ze met de Deen Rasmussen de Tour winnen. Ik was in Frankrijk, in de Dordogne, een kleine finishplaats, in afwachting van de glorieuze ontvangst van de oranje-mannen. Toen de nachtmerrie. De leiding van de bank besloot Rasmussen in de gele trui wegens vermeend dopinggebruik uit de Tour te nemen. De grootste Nederlandse wielerrel was geboren en ik stond daar met mijn Rabo wielerpetje in de Dordogne. Een zwarte bladzijde. De Rabobank wilde toen nog, in de sportwereld van list en bedrog, roomser zijn dan de Paus. Een bloedmooie commercial van een fietsende Boogert in de Alpen, kosten zes ton, werd zelfs subiet van de televisie gehaald.

Maar de bladzijde werd een dag later, 30 juli 2007, pas echt zwart. De twee grootste cineasten, de Europese filmauteurs, de Italiaan Michelangelo Antonioni en de Zweed Ingmar Bergman, overleden op dezelfde dag. De laatste wordt door vrijwel elke filmkenner beschouwd als de allergrootste en op het filmfestival van Cannes in 1997 ook als zodanig bekroond. Frankrijk was het wielerschandaal meteen vergeten. Alle voorpagina’s van de kwaliteitskranten openden met ‘La mort de Bergman et Antonioni’; het bewijs dat Frankrijk het ultieme filmland is. Le Monde en Libération van die dag met die voorpagina heb ik nog lang gekoesterd.

In Nederland is het in dat opzicht vaker behelpen. Grootmeester Bergman zou dit jaar 100 zijn geworden. Nergens een retrospectief, nergens de bekroonde documentaire Searching For Ingmar Bergman te zien. Was geen aardige man overigens, die Bergman, blijkt steeds weer uit al die documentaires. Is dat de reden? Wij sluiten in ieder geval het jaar, met trots en op gepaste wijze, af met zijn Fanny en Alexander. Zijn allerlaatste speelfilm, zijn magnus opus, de aangrijpende familiesage met overduidelijk autobiografische elementen. Meer dan drie uur cinema over de theaterfamilie Ekdahl – ook niet allemaal aardige mensen¬ – die langzaam bijna letterlijk onder je huid kruipt. Drama, tragedie, komedie, mysterie maar vooral een hommage aan de verbeeldingskracht en de fantasie. Een meesterlijke film!

En omdat we geen genoeg kunnen krijgen van meesterlijk klassieke cinema, ook nog aandacht voor de recent overleden Nicolas Roeg en Bernardo Bertolucci. Met de twee legendarische en uiterst sfeervolle thrillers Don’t Look Now en Il Conformista. Voor beiden ook nog eens de sleutelfilm binnen hun oeuvre.


Naar die oude exemplaren van Le Monde en Libération heb ik recent gezocht. Natuurlijk niet kunnen vinden. Door al die chaos rondom de Rabobank destijds misschien kwijtgeraakt op het vakantieadres. Ik dacht nog, voor een wethouder of een raadslid, om te laten zien wat het betekent om een echte filmstad te zijn. Was voor Henk Nijboer ook interessant geweest. Want ik voel een zekere verwantschap met Henk. Zoals hij als een laatste krijger strijdt tegen de uitwassen van de bancaire sector, zo strijden wij als filmhuis als de laatsten der Mohikanen voor een beter filmklimaat met nadrukkelijk veel aandacht voor klassiekers. Vanaf nu zijn we dan ook niet meer tegendraads, nee wij zijn Henk.

Ted Chiaradia

Bezig met laden