Van oude menschen, de dingen, die voorbij gaan

‘Begin er niet aan, het klinkt als een oude man!’ Het klopt, maar als ik in Venetië ben, voelt het allemaal als van een oude man. Ilja Leonard Pfeijffer heeft het in zijn succesroman Grand Hotel Europa al beschreven. De oogverblindend mooie Dogenstad aan de lagune is in verval. Er is geen redden meer aan. Dan is weemoed en sentiment nog op zijn plaats.

De Harry’s Bar, Harry Mulisch kwam er voor zijn Risotto di Mare en zijn flesje Orvieto Classico, wordt al jaren alleen nog maar druk bezocht door een typisch soort goedkope Amerikaanse toeristen. Daar zouden ze een Muur voor moeten bouwen! Harry Mulisch, wie kent hem nog? Overnachtte altijd op het Lido, in het beroemde Grand Hotel des Bains, kamer 216. Is niets meer van over, een bouwval, ten onder gegaan aan een verkeerd soort vastgoedspeculatie. Was filmlocatie van de beroemde film van Luchino Visconti, Dood in Venetië. Gebaseerd op de gelijknamige novelle van Thomas Mann. Maar wie kent ze nog? Visconti, Thomas Mann.

Het geheel lege en vervallen hotel deed nu -voor even- dienst als expositieruimte. Met een onverwacht prachtige foto-expositie van festivalgasten door de jaren heen, geschoten met een unieke Polaroid grootbeeldcamera. Portretten van filmsterren en auteurs die door die techniek eenmalig gemaakt zijn en niet meer herdrukt kunnen worden. Voor even stond ik in dit lege hotel oog in oog met de geschiedenis van dit oudste filmfestival. En het verval leek voor heel even gestopt. Moest meteen denken aan Nijmegen, aan Filmhuis O42. Ook hier proberen we op een historische plek, hoe geteisterd ook door verval en leegstand, mooie dingen te laten zien. Heel mooie dingen om iets te keren, iets te stoppen, iets te veranderen, zo lijkt het. Een heel klein beetje Venetië aan de Oranjesingel.

Hadden we vroeger het bermtoerisme, ergeren we ons tegenwoordig aan het massatoerisme, het kunst en cultuurtoerisme kan er ook wat van. Steeds meer bezoekers bij de exposities, lange wachttijden, en selfies, altijd maar de selfies. Echt gekeken, laat staan ervaren, wordt er nog nauwelijks. De Biënnale Arte lijdt er letterlijk onder. Toch zijn er gelukkig nog spaarzame ontdekkingen te doen. Synchronicity is een licht-, geluid- en video-installatie van de Thailandse filmmaker Apichatpong Weerasethakul. Wie kent hem nog? Won in 2010 nog de Gouden Palm in Cannes met het mysterieuze en poëtische Uncle Boonmee. Door publiek en menig filmprogrammeur destijds verguisd. Nu op de beroemde kunsttentoonstelling aanwezig met een installatie over droom en herinnering, waarin beeld en licht met elkaar vermengen. Artistiek een hoogtepunt maar ook een rustpunt voor reflectie en bezinning in een overvolle stad.

Laat nu net Weerasethakul de landgenoot en grote inspirator zijn van de maker van de premièrefilm deze week, Manta Ray van de debuterende Phuttipong Aroonpheng. Hij maakte vorig jaar op het filmfestival van Venetië een verbluffende entree met dit prachtige, hypnotiserende werk. Magie en spiritualiteit sijpelen langzaam door in een ogenschijnlijk normaal verhaal over een Thaise visser die zich weet te ontfermen over een gewonde man. Meer dan cinema alleen en door bijna alle filmcritici lovend ontvangen. Volgens de Filmkrant zelfs ‘een audiovisueel oratorium’. Droom, fantasie, illusie, spel met licht en geluid, allemaal aanwezig in dit unieke Manta Ray. Een film, die steun verdient, die publiek verdient, die een filmtheater verdient die er volledig voor gaat. Kom kijken in Filmhuis O42, desnoods in een leeg theater, in een bijna vervallen villa. Dat alleen al is een ultiem kunstproject! En je hoeft er niet lang voor te reizen. Niet naar Venetië en al helemaal niet naar Thailand!

En klinkt het allemaal weer als een oude man? Vast! Waarschijnlijk te lang in Couperus gebleven. Couperus, wie kent hem nog? Van oude menschen, de dingen, die voorbij gaan.


Ted Chiaradia

Bezig met laden